Search the web
Sign In
New User? Sign Up
leuveni-magyar-lista · Leuveni Magyar Lista
? Already a member? Sign in to Yahoo!

Yahoo! Groups Tips

Did you know...
Want your group to be featured on the Yahoo! Groups website? Add a group photo to Flickr.

Best of Y! Groups

   Check them out and nominate your group.
Having problems with message search? Fill out this form to ensure your group is one of the first to be migrated to the new message search system.

Messages

  Messages Help
Advanced
Knack cikk: WOONT U IN HET PARADIJS?   Message List  
Reply | Forward Message #1638 of 1888 |
http://www.knack.be/cmarticles/showarticle.asp?articleid=44863&sectionid=1140

Volgens een onderzoek van de universiteit van Louvain-la-Neuve is het in
Tervuren het aangenaamst leven, in Antwerpen het slechtst.

Waar in Vlaanderen leeft men het best? En waar net niet? In opdracht van Knack
zocht professor Thierry Eggerickx het uit, samen met zijn collega's van de
onderzoeksgroep demografie van de UCL (Université Catholique de Louvain). 'De
grote uitdaging bestaat erin om op zichzelf subjectieve en relatieve begrippen,
zoals welzijn en geluk, in te passen in een groter, statistisch kader, om ze zo
te objectiveren', zegt Eggerickx.

© Vanmol
'Geluk en welzijn, dat meet iedereen af met zijn eigen maatstaven. Ook iemand
die in de achterbuurten van Charleroi of Antwerpen woont, werkloos en arm is, en
volgens de normen van veel mensen alle reden heeft om ongelukkig te zijn, kan
zich perfect gelukkig voelen met zijn leefsituatie. Wij willen met statistische
gegevens bepalen waar in Vlaanderen de meeste voorwaarden vervuld zijn om een
gelukkig leven te leiden.'

Het is met andere woorden geen onderzoek naar de mate van geluk die de bewoners
van een gemeente ervaren, maar wel naar de objectief wetenschappelijke kans op
bepaalde zaken die een gelukkig leven in de hand werken. Knack koos voor de term
leefbaarheid om dit te omschrijven.

De onderzoekers benadrukken dat hun werkwijze volkomen wetenschappelijk is. Ze
berekenden de leefbaarheid in Vlaanderen aan de hand van 31 statistische
variabelen. 'We gebruiken enkel gegevens waarvan wetenschappelijk bewezen is dat
ze relevant zijn voor een dergelijke vergelijking, en daaruit selecteerden we
alleen cijfers uit onderzoeken waarover geen wetenschappelijke twijfel kan
bestaan', verklaart professor Eggerickx. Je kunt kritiek hebben op die
benadering. Het is immers niet vanzelfsprekend om statistieken die op het eerste
gezicht weinig met elkaar te maken hebben, samen te voegen en daaruit dan
grotere conclusies te trekken.

'We proberen een groot spectrum van het leven te vatten. Dan moet je daarin
automatisch gegevens incorporeren uit heel verschillende hoeken', verdedigt
Eggerickx. Soms is de keuze van de variabelen verrassend. Dat
werkloosheidscijfers in de leefbaarheidsindex werden opgenomen, is niet
onverwacht. Maar dat de onderzoekers ook rekening hielden met het aantal huizen
per gemeente dat dubbele beglazing heeft of het aantal eenoudergezinnen, is
minder voor de hand liggend.

'Meerdere armoedestudies hebben aangetoond dat eenoudergezinnen veel meer kans
maken om in de armoede terecht te komen', verantwoordt Eggerickx die keuze. 'Dat
verhoogde risico heeft op een heel divers aantal zaken een weerslag. De kinderen
in eenoudergezinnen zullen bijvoorbeeld vaker economisch minder mogelijkheden
hebben, wat op zijn beurt invloed heeft op de lokale economie. Er zal ook
automatisch minder geld beschikbaar zijn voor de woning. Het verband tussen
zulke dingen is groter dan je aanvankelijk zou vermoeden. Elk van de 31
variabelen is een significante aanvulling van de index.'

DE VOORSTAD GROEIT

Naar de resultaten dan. Dé winnaar van deze leefbaarheidsindex is duidelijk
Vlaams-Brabant, en de streek rond Leuven in het bijzonder. Minder goede
resultaten zijn er voor de kust, en zeker ook voor de steden. Volgens Thierry
Eggerickx zijn de goede score van Vlaams-Brabant en de zwakkere uitslag van de
steden aan elkaar gelieerd. De steden genereren wel veel rijkdom, toch is hun
bevolking vaak arm, wat de score op de leefbaarheidsindex naar beneden haalt.

De residentiële gemeenten rond de steden genieten van de voordelen die de
aanwezigheid van de grootstad hen biedt, en hebben relatief weinig last van de
nadelen. 'In een bij uitstek verstedelijkt gebied zoals Vlaanderen komt iedere
demografische studie uiteindelijk neer op een tegenstelling tussen stad en
periferie, waarbij de periferie steeds maar aan belang wint', weet professor
Eggerickx. 'Typisch voor de Belgische context is Brussel als dominante factor.
In feite kun je heel België analyseren als de grootstad Brussel, met de rest van
het land als periferie.'

Zonder verdere analyse blijft de leefbaarheidsindex natuurlijk een vrij vaag
gegeven. Daarom splitsten de wetenschappers van Louvain-la-Neuve de index op in
vier deelgebieden: de kwaliteit van de huizen, het leefmilieu, de
socio-economische toestand en de beschikbaarheid van diensten. In het eerste
deelgebied, de kwaliteit van het huizenaanbod, valt een merkwaardige trend op:
de beter scorende gemeenten vormen een duidelijke as Antwerpen-Brussel, die
helemaal vanaf Kalmthout, aan de grens met Nederland, doorloopt tot aan Brussel.

'Aan de andere kant van de taalgrens bestaat hetzelfde beeld', stelt Thierry
Eggerickx vast. 'Veel relatief rijke burgers moeten iedere dag in Brussel zijn
voor hun werk, maar willen om bepaalde redenen niet in de hoofdstad wonen. In
eerste instantie opteren die mensen voor een huis in Vlaams-Brabant, liefst in
de buurt van Leuven. Maar wanneer dat financieel of praktisch onhaalbaar blijkt,
zoeken ze noordelijker, richting Antwerpen. Of ze kiezen, en dat is de laatste
jaren een erg belangrijke trend, voor Waals-Brabant.'

De instroom van relatief welgestelde burgers doet de kwaliteit van de huizen
stijgen: wie geld heeft, kan ook investeren in zijn woning. De prijs van het
vastgoed is trouwens niet opgenomen in de leefbaarheidsindex. 'Omdat dat op zich
geen invloed heeft op de leefbaarheid van een gemeente', stelt Eggerickx.

De zwakste scores voor woonkwaliteit zijn te vinden in het zuiden van Oost- en
West-Vlaanderen. Hoe dichter bij de taalgrens, hoe minder goed de huizen er zijn
uitgerust. Deels laat zich dat verklaren door de nabijheid van het economisch
zwakkere Wallonië, maar volgens Eggerickx is er meer aan de hand. 'Voor heel
België geldt dat de huizen in het oosten van het land recenter gebouwd zijn, en
bijgevolg kwalitatief meer te bieden hebben. De oorzaak ligt bij demografische
evoluties en bij een zekere bouwachterstand die het oosten moest wegwerken.'

GETTO'S VAN WELSTAND

Het tweede deelgebied dat de onderzoekers onderscheidden, was dat van het
leefmilieu. Ook hier doen de steden het niet zo goed, maar omdat criteria zoals
de relatieve oppervlakte van bossen op het grondgebied enorm meetellen, mag dat
niet meteen verbazen. Wél verrassend is de matige score van de gemeenten ten
noordoosten van Antwerpen - Brecht, Wuustwezel, Rijkevorsel, Hoogstraten - en
zeker van de provincie Limburg, toch algemeen bekend als een uitgesproken groen
gebied.

De onderzoekers twijfelen echter niet aan hun cijfermateriaal. 'Limburg kampt
nog sterk met zijn mijnverleden, heeft in verhouding niet zo veel bebossing en
kleurt daardoor minder groen dan verwacht.' Een andere verklaring voor de soms
vreemd aandoende cijfers, is dat voor veel zaken die het leefmilieu betreffen,
er gewoon geen cijfers per gemeente bestaan. De luchtkwaliteit werd bijvoorbeeld
niet opgenomen in deze index, louter omdat er daarover op gemeentelijk niveau
geen onderzoeken bestaan. De betere scores voor leefmilieu zijn vooral te vinden
in de residentiële gemeenten rond Brussel en Leuven (Hoeilaart, Bertem en
Bierbeek).

Socio-economisch doet de kust het zeker niet goed, maar de meest opvallende
verliezers zijn toch, opnieuw, de steden. 'In enkele stedelijke wijken ontstaat
een stijgende gentrification - sociale verdringing, veroorzaakt door
opwaardering van de buurt. Enkele superrijken vinden het weer hip om in de stad
te wonen en stichten er in uitverkoren delen getto's van welstand. Maar de rest
van de stad verarmt in een hoog tempo. Alleen zij die het zich niet kunnen
permitteren om te vertrekken, blijven. Wat het effect alleen maar versnelt.'

Toch willen de onderzoekers van Louvain-la-Neuve vermijden dat het beeld
ontstaat dat het in de steden al kommer en kwel is. 'Het vierde deelgebied in
ons onderzoek, waarin we de aanwezigheid van diensten opmeten, appelleert aan de
mooie kanten van de stad. Steden scoren per definitie zwakker in leefmilieu,
economie en huisvesting. Maar we mogen niet vergeten welke mogelijkheden tot
zelfontplooiing de stad aan haar inwoners biedt. Leven in de stad heeft niet
alleen maar nadelen.'

In dit onderdeel van de index schitteren de grootsteden wél, en ook de
voorsteden van Antwerpen, zoals Hove, Edegem en Mortsel, doen het meer dan
behoorlijk. Ook Limburg scoort opmerkelijk goed. In elke andere provincie zijn
er wel gemeenten te vinden die opvallend zwak presteren qua beschikbaarheid van
diensten (Geetbets in Vlaams-Brabant, Retie in Antwerpen, Wortegem-Petegem in
Oost- en Zuienkerke in West-Vlaanderen).

HET BELGISCHE SPIEGELBEELD

In opdracht van ons Franstalige zusterblad Le Vif/L'Express publiceerde de
onderzoeksgroep demografie van Louvain-la-Neuve al tweemaal een gelijkaardig
onderzoek voor Wallonië. Er zijn verschillen tussen de twee landsdelen, maar
fundamenteel zou professor Thierry Eggerickx ze niet noemen.

'Wallonië scoort beter qua leefmilieu, Vlaanderen staat economisch sterker en is
meer geürbaniseerd. Met alle voor-, maar ook alle nadelen die daaraan verbonden
zijn. Toch vallen de overeenkomsten mij meer op dan de verschillen. We zien
zowel boven als beneden de taalgrens een groeiende tegenstelling tussen stad en
periferie. Ook het belang van Brussel als economische pool domineert in beide
landsdelen. De kaarten van Wallonië en Vlaanderen vormen volgens onze index
elkaars spiegelbeeld. In de Waalse index scoort Waals-Brabant, niet toevallig de
provincie die het dichtst bij Brussel ligt, merkbaar beter dan de rest van
Wallonië. Voor dezelfde redenen die Vlaams-Brabant zo goed doen scoren in de
Vlaamse index.'

Wat kan de politiek uit de leefbaarheidsindex leren? 'Uit deze resultaten blijkt
dat er een kloof ontstaat tussen de gemeentes met makkelijke toegang tot de
steden enerzijds, en de gemeenten die die toegang niet hebben en de steden zelf
anderzijds. De politiek zou zich veel toekomstige problemen kunnen besparen door
met deze tendensen rekening te houden. Ze moet vooral de bewegingen van de jonge
huishoudens in de gaten houden, want zij bepalen de toekomst van een regio. Om
hen aan boord te houden doet een lokaal bestuur er altijd goed aan om zijn
woningaanbod zo veel mogelijk te diversifiëren.'

Eggerickx pleit ervoor dat 's lands politici de migratiestromen per
leeftijdscategorie opvolgen omdat hij opvallende overeenkomsten vaststelt tussen
de scores op de leefbaarheidsindex en de in- en uitstroom van bevolkingsgroepen.

'De steden bijvoorbeeld trekken jongeren en ouderen aan, maar de middenleeftijd
gaat er weg. De redenen daarvoor vind je zo in deze index terug. Dat
migratiepatroon is een tendens die zichzelf versterkt en die de toekomst van de
leefbaarheid van de steden bedreigt.'

'Ook de kust staat er, als we naar de migratiepatronen kijken, niet bijzonder
goed voor. Veel jongeren zien er geen arbeidskansen in de sector waarin zij
willen werken, en trekken weg. In de huizenmarkt wordt hun plaats ingenomen door
gepensioneerden, maar die genereren natuurlijk niet al te veel economische
activiteit meer. Een gelijkaardig effect valt op in de Ardennen en, in mindere
mate, in de Kempen.'

Jef Van Baelen

Karolien Van De Velde ()



Wed May 10, 2006 8:29 am

laszlokoczy
Offline Offline
Send Email Send Email

Forward
Message #1638 of 1888 |
Expand Messages Author Sort by Date

http://www.knack.be/cmarticles/showarticle.asp?articleid=44863&sectionid=1140 Volgens een onderzoek van de universiteit van Louvain-la-Neuve is het in Tervuren...
Koczy L (ALGEC)
laszlokoczy
Offline Send Email
May 10, 2006
10:42 am
Advanced

Copyright © 2009 Yahoo! Inc. All rights reserved.
Privacy Policy - Terms of Service - Guidelines - Help